Mosselbanken en oesterbanken op de platen


Door: Jeroen Wijsman

Projectleider: Karin Troost

Wageningen Marine Research

Gefinancierd door:

Gebruiksaanwijzing

Op deze monitor kunnen de resultaten van de jaarlijkse kartering van schelpdierbanken op de droogvallende platen van de Waddenzee van 1995 tot heden eenvoudig worden weergegeven. De gewenste soort en het gewenste jaar zijn te selecteren in het linker paneel. Er kan gekozen worden voor weergave van de dichtheid (= het aantal individuen per vierkante meter), of de biomassa (= het (vers)gewicht in grammen per vierkante meter). Onder tabblad "verspreiding" staat een interactieve kaart waarop kan worden ingezoomd. Rechtsboven kan gekozen worden voor verschillende kaarten als achtergrond. Onder tabblad "ontwikkeling" is de tijdreeks van de betreffende soort weergegeven. Daarbij kan een combinatie van meerdere typen banken gemaakt worden. Het totaal aan mosselbanken kan bijvoorbeeld worden verkregen door de mosselbanken en gemengde banken samen weer te geven. Onder tabblad "Type schelpdierbanken" staan afbeeldingen van mosselbanken, oesterbanken en gemengde banken.

Als onderdeel van de Wettelijke Onderzoekstaken Visserij (WOT) worden jaarlijks door Wageningen Marine Research (WMR) de droogvallende mossel- en oesterbanken in de Nederlandse kustwateren in kaart gebracht, en de bijbehorende arealen geschat. Deze inventarisatie is in de Waddenzee opgestart in 1995, en de eerste Japanse oesterbanken zijn gekarteerd in 2002. In de Oosterschelde is de inventarisatie opgestart rond 2000, en zijn reconstructies gemaakt op basis van luchtfoto’s voor de jaren 1980 en 1990. In de Westerschelde is de kartering opgestart in 2013.

De inventarisaties worden uitgevoerd binnen de Wettelijke Onderzoekstaken op het gebied van visserij. In de Waddenzee is mosselzaadvisserij op droogvallende platen in principe nog steeds toegestaan onder strenge voorwaarden. Zo moet er minimaal 2000 ha aan meerjarige litorale mosselbanken aanwezig zijn. Meerjarige banken zijn daarbij gedefinieerd als banken die minimaal één winter hebben overleefd. Volgens deze definitie is elke mossel(bank) die in het voorjaar in de inventarisatie wordt aangetroffen meerjarig. Na 1994 is niet meer op de droogvallende platen op mosselzaad gevist. Een uitzondering daarop is een experimentele bevissing ten behoeve van de toetsing van de zogenaamde Jan Louw-hypothese in 2001.

De Waddenzee, Westerschelde en Oosterschelde zijn aangewezen als Natura 2000-gebieden en beschermd onder de Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn. Voor deze gebieden zijn instandhoudingsdoelstellingen opgesteld voor verschillende vogelsoorten die afhankelijk zijn van schelpdieren als voedselbron, zoals de scholekster en de eidereend die op mosselen foerageren. Daarnaast zijn schelpdierbanken –met name die van schelpdieren die op de bodem leven zoals de mossel en oester– van belang voor een goede structuur en functie van betreffende gebieden en de daarbinnen onderscheiden habitattypen. Een eventuele mosselzaadvisserij, evenals het handmatig rapen van Japanse oesters, dient te passen binnen de doelstellingen zoals geformuleerd vanuit Natura 2000. In zowel de Waddenzee als de Oosterschelde mogen Japanse oesters onder vergunning handmatig geraapt worden. In de Oosterschelde kan daarnaast ook vergunning aangevraagd worden voor het opvissen van Japanse oesters met een kor.

Mossel- en oesterbanken komen vaak gemengd voor, wat consequenties kan hebben voor het visserijbeheer dat voor deze banken wordt gevoerd. Om deze reden wordt bij de bestandsopname onderscheid gemaakt tussen mossel-, oester- en gemengde banken.

Doel van het onderzoek is het in kaart brengen van het areaal aan mossel-, oester- en gemengde banken op de droogvallende platen van de Nederlandse kustwateren, en deze gegevens beschikbaar te maken voor het Nederlandse beleid ten aanzien van visserij en natuur.

Daarnaast vormen de tijdreeksen en trends in schelpdierbestanden een belangrijke bron van informatie voor ecosysteem- en effectstudies. De verzamelde gegevens worden ook gebruikt in het kader van TMAP (Trilateral Monitoring and Assessment Program): een trilaterale overeenkomst tussen Denemarken, Duitsland en Nederland om samen te werken aan wetenschappelijk onderzoek en monitoring aangaande het Waddenzeegebied.

Het onderzoeksgebied betreft het litorale (droogvallende) deel van de Nederlandse Waddenzee, inclusief de Eemsmonding, de Oosterschelde en de Westerschelde tot aan de Belgische grens. Oesters op oesterkweekpercelen in de Oosterschelde worden buiten beschouwing gelaten, behalve daar waar het meerjarige niet-geëxploiteerde oesterbanken betreft.

Het onderzoek in de Waddenzee wordt uitgevoerd in april, mei en juni vanaf het kokkelvaartuig de YE42. De kartering van de banken in de Oosterschelde en Westerschelde vindt meestal plaats in de periode februari-maart, en soms ook in de periode oktober-november. Het veldwerk is uitgevoerd in samenwerking met de visserijkundig ambtenaren, de bemanning van de MS Regulus en de medewerkers van de Waddenunit van het ministerie van LNV.

Het is niet mogelijk om binnen de beschikbare tijd voor het onderzoek alle mossel- en oesterbanken in het gehele onderzoeksgebied te karteren. Er wordt naar gestreefd zoveel mogelijk banken in te meten, met prioriteit bij mogelijk nieuwe banken, banken die lijken te zijn veranderd (bijv. deels verdwenen) en/of banken die al langere tijd niet meer zijn bezocht en ingemeten. Daarbij is gebruik gemaakt van de volgende informatie:

  • Uitkomsten van eerdere surveys;
  • Actuele informatie over ligging mossel- en oesterbanken van visserijkundig ambtenaren en vissers;
  • Luchtfoto’s van Rijkwaterstaat en Provincie Zeeland (Oosterschelde, Westerschelde);
  • Een verkennende inspectievlucht in de periode februari-maart (Waddenzee).

De banken worden bij laagwater te voet ingemeten volgens een vast protocol. Er wordt rond de banken gelopen, en met een handheld GPS worden merkpunten vastgelegd. Aan boord worden de merkpunten ingeladen in GIS software (ArcMap of QGIS). Op basis van deze punten worden de contouren ingetekend en de oppervlaktes van de banken berekend. Tijdens het inmeten in het veld worden voor elke bank, naast kwalitatieve beschrijvingen, de volgende gegevens genoteerd:

  • Samenstelling van de bank: mossel, oester, gemengd;
  • De leeftijd/grootte van de aanwezige mosselen in de bank (kwalitatieve schatting: zaad, halfwas, consumptie-maat of een samenstelling van verschillende leeftijden/grootte);
  • De grootte van de oesters (kwalitatieve schatting: klein, middelgroot en groot);
  • De dichtheid in de bank (kwalitatieve schatting: dik, redelijk, matig, dun);
  • Bedekkingspercentage van mosselen en oesters afzonderlijk.

Een bank wordt geclassificeerd als "mosselbank" bij een bedekkingspercentage hoger dan 5% voor mosselen maar lager dan 5% voor oesters, en bij een "oesterbank" natuurlijk andersom. Een bank wordt als "gemengd" (zowel mosselbank als oesterbank) geclassificeerd als zowel oesters als mosselen voorkomen met een bedekking van meer dan 5%.

Van de banken die niet bezocht zijn in het surveyjaar, maar waarvan op basis van bovengenoemde informatie bekend is dat ze er nog liggen, zijn de contouren als voorlopige inschatting ingetekend volgens een vast protocol. Ook worden de op deze manier voorlopig ingeschatte contouren in de voorgaande twee jaar met terugwerkende kracht aangepast, indien uit de resultaten van het meest recente surveyjaar blijkt dat dit nodig is. De arealen in de laatste drie jaar kunnen dus nog enigszins veranderen.

Troost, K., M. van Asch, E. Brummelhuis, D. van den Ende, Y. van Es, K.J. Perdon, J. van der Pool, C. van Zweeden en J. van Zwol (2021) Schelpdierbestanden in de Nederlandse kustzone, Waddenzee en zoute deltawateren in 2020. Centrum voor Visserij Onderzoek en Wageningen Marine Research, CVO rapport 21.001. (link naar rapport)

Brummelhuis, E. B., K. Troost, D. van den Ende, C. van Zweeden en M. van Asch, 2012. Inventarisatie van arealen en bestanden aan japanse oesterbanken in de Oosterschelde en Waddenzee in 2012. Imares rapport C142/12, Imares, Yerseke. (link naar rapport)

De Vlas, J., A. Brinkman, C. Buschbaum, N. Dankers, M. Herlyn, P. Kristensen, G. Millat, M. Ruth, J. Steenbergen, and A. Wehrmann. 2005. Intertidal Blue Mussel Beds.Trilateral Monitoring and Assessment Group. Common Wadden Sea Secretariat, Wilhelmshaven, Germany.

EZ, Ministerie van, 2014. Profiel H1110 Permanent overstroomde zandbanken (versie 2014).

Kater,B.J., Baars,J.M.D.D. en Riet,M.van. 2002. Japanse oesters in de Oosterschelde: Reconstructie van oppervlakten in het verleden en schatting van het huidige oppervlak. Nederlands Instituut voor Visserij Onderzoek (RIVO) – Centrum voor Schelpdieronderzoek, rapport C017/03

Kater, B.J. en J.M.D.D. Baars. 2004. The potential of aerial photography for estimating surface areas of intertidal Pacific oyster beds (Crassostrea gigas). Journal of Shellfish Research 23(3): 773-779

LNV, Ministerie van, 2008a. Aanwijzingsbesluit Natura 2000-gebied Waddenzee. DRZO/2008-001.

LNV, Ministerie van, 2008b. Profiel H1140 Bij eb droogvallende slikwadden en zandplaten (versie 18 dec 2008).

LNV, Ministerie van, 2016. Profiel H1130 Estuaria (versie 2016).

Marencic, H. en J. de Vlas, 2009. Wadden Sea Quality Status Report 2009. Common Wadden Sea Secretariat, Wilhelmshaven, Germany.

Smaal, A. C., M. van Stralen, K. Kersting en N. Dankers, 2004. EVA 2 Rapport F5: De gevolgen van gecontroleerde bevissing voor bedekking en omvang van droogvallende mosselzaadbanken, een test van de Jan Louw hypothese en van mogelijkheden voor natuurbouw. C002/04, RIVO-CSO, MarinX, Kersting Ecosystem research, Alterra. (link naar rapport)

Het WMR databeleid volgt het WUR databeleid ten aanzien van veilige en duurzame dataopslag (in het Engels). Bij gebruik van data ten behoeve van een publicatie of presentatie, op welke wijze dan ook, is een correcte bronvermelding verplicht en kan mede-auteurschap als vereiste gelden. Wanneer bij het gebruik van de data het vermoeden rijst dat de data niet correct is, moet dit worden gemeld bij WMR, en indien wettelijk vereist, ook bij andere partijen. WMR is op geen enkele wijze aansprakelijk voor (de gevolgen van) het gebruik van de data door derden. Resultaten, conclusies en aanbevelingen gebaseerd op gebruik van de data door derden worden niet automatisch onderschreven door WMR.

Financiering

De inventarisatie maakt deel uit van de Wettelijke Onderzoekstaken (WOT) op het gebied van Visserij, en wordt jaarlijks uitgevoerd door Wageningen Marine Research in opdracht van het ministerie van LNV.

LogoMinLNV

Afbeeldingen van schelpdierbanken

Oesterbank

oesterbank_Terschelling_Karin_TRoost
Oesterbank bij Terschelling (Karin Troost)

Mosselbank

mosselbank_closeup_Karin_Troost
Mosselbank in de Waddenzee (Karin Troost)

Gemengde bank

gemengde_bank_Karin_Troost
Gemengde bank in de Waddenzee (Karin Troost)